Competentie 6.1a Ik heb een globaal beeld van de verschillende partijen waarmee de school contact onderhoudt. Sterke punten:
Ik zal mijn kennis hierover gaan verbreden
Ik sta open om kennis met deze contacten te krijgen
Ik heb docenten hierover geinterviewd
Zwakke punten:
Ik heb nog geen kennis mee gemaakt
Verdere ontwikkeling
Ik heb mij hierin verdiept door docenten erover te vragen. Helaas heb ik er nog geen kennis meegemaakt, maar dit komt nog wel. Ik had nog niet de mogelijkheid kennis te maken met bijvoorbeeld stage of bij het organiseren van een excursie. Als het goed is wordt ik tutor voor de komende eerstejaars van sociale vakken. Dan zal ik, samen met mijn medestudenten, een weekje Ameland moeten organiseren. Hier heb ik veel zin in en het is leerzaam om zo'n buitenschoolse activiteit te organiseren. De opgedane kennis kan ik dan later weer toepassen als ik eens een uitje voor leerlingen moet organiseren.
Hierbij verslag van wat ik heb onderzocht op mijn stageschool:
De contacten die de school onderhoudt zijn vooral met ouders en met bedrijven. Aan het begin van het jaar is er een oudervergadering. Hierbij komen alle ouders bijeen en wordt er over de regels, werkvormen en activiteiten binnen de school besproken. Aan het eind van het school volgt er een tweede oudervergadering. Hierin wordt besproken wat volgens ouders misschien beter kan en hoe zij het afgelopen jaar beleefden. De aandacht bij de oudervergadering is niet zozeer op de leerling gericht. De aandacht voor de leerling komt aan bod in de tien minuten gesprekjes die na elk rapport worden gehouden. Bij de tien minuten gesprekjes mogen de ouders kiezen met welke docent zij een afspraak willen hebben. Hier worden eventuele problemen die bij de leerling voordoen besproken en kijkt de leraar samen met de ouders hoe ze het gedrag en/of studieresultaten van de leerling kunnen verbeteren. Wanneer een tien minuten gesprek niet genoeg is, is er nog een mogelijkheid om een vervolggesprek met de ouders aan te gaan. Dit kan zowel op school als bij de leerling thuis plaatsvinden. Als een leerling qua gedrag moeilijkheden heeft en wanneer dit zich niet verbeterd, is er binnen de school een “opvoedingskamp”. Dit is een soort cursus, waarbij de leerlingen les krijgen over normen en waarden binnen en buiten de school. De school onderhoudt ook contacten met bedrijven voor stage van de leerlingen. Dit contact wordt vooral via de stagecoördinator onderhouden. Voor de bovenbouw zijn er vooral technische stage. Bedrijven in de industrie, zoals bijvoorbeeld kapper of in de bouw. Voor de onderbouw is er een maatschappelijke stage, zoals bij bijvoorbeeld een kinderdagverblijf. Contact met een bedrijf komt van beide kanten. De school zoekt contact met een bedrijf om een leerling stage te laten lopen. Een bedrijf zoekt contact met scholen om stagiaires aan te nemen. Het bedrijf moet natuurlijk ook reflecteren op de vorderingen van de leerling, hierbij zoekt een bedrijf dus ook contact met de school. De stagecoördinator zoekt over het algemeen de stages uit, maar bij de maatschappelijke stages van de onderbouw is er ook een mogelijkheid dat de leerlingen dit zelf mogen uitzoeken. Wel is de regel dat het bedrijf bevoegd moet zijn om stagiaires aan te nemen. Wanneer de leerling zelf stage zoekt, gaat dit buiten de stagecoördinator om en is het de bedoeling dat de leraar zelf het contact met het bedrijf onderhoudt. Contacten die de school ook nog onderhoudt, zijn bijvoorbeeld campings of pretparken. Zo houdt de school contact met een camping voor hun jaarlijks zeilkamp uitje.
Competentie 6.1a
Ik heb een globaal beeld van de verschillende partijen waarmee de school contact onderhoudt.
Sterke punten:
- Ik zal mijn kennis hierover gaan verbreden
- Ik sta open om kennis met deze contacten te krijgen
- Ik heb docenten hierover geinterviewd
Zwakke punten:Verdere ontwikkeling
Ik heb mij hierin verdiept door docenten erover te vragen. Helaas heb ik er nog geen kennis meegemaakt, maar dit komt nog wel. Ik had nog niet de mogelijkheid kennis te maken met bijvoorbeeld stage of bij het organiseren van een excursie. Als het goed is wordt ik tutor voor de komende eerstejaars van sociale vakken. Dan zal ik, samen met mijn medestudenten, een weekje Ameland moeten organiseren. Hier heb ik veel zin in en het is leerzaam om zo'n buitenschoolse activiteit te organiseren. De opgedane kennis kan ik dan later weer toepassen als ik eens een uitje voor leerlingen moet organiseren.
Hierbij verslag van wat ik heb onderzocht op mijn stageschool:
De contacten die de school onderhoudt zijn vooral met ouders en met bedrijven. Aan het begin van het jaar is er een oudervergadering. Hierbij komen alle ouders bijeen en wordt er over de regels, werkvormen en activiteiten binnen de school besproken. Aan het eind van het school volgt er een tweede oudervergadering. Hierin wordt besproken wat volgens ouders misschien beter kan en hoe zij het afgelopen jaar beleefden. De aandacht bij de oudervergadering is niet zozeer op de leerling gericht. De aandacht voor de leerling komt aan bod in de tien minuten gesprekjes die na elk rapport worden gehouden. Bij de tien minuten gesprekjes mogen de ouders kiezen met welke docent zij een afspraak willen hebben. Hier worden eventuele problemen die bij de leerling voordoen besproken en kijkt de leraar samen met de ouders hoe ze het gedrag en/of studieresultaten van de leerling kunnen verbeteren. Wanneer een tien minuten gesprek niet genoeg is, is er nog een mogelijkheid om een vervolggesprek met de ouders aan te gaan. Dit kan zowel op school als bij de leerling thuis plaatsvinden. Als een leerling qua gedrag moeilijkheden heeft en wanneer dit zich niet verbeterd, is er binnen de school een “opvoedingskamp”. Dit is een soort cursus, waarbij de leerlingen les krijgen over normen en waarden binnen en buiten de school.
De school onderhoudt ook contacten met bedrijven voor stage van de leerlingen. Dit contact wordt vooral via de stagecoördinator onderhouden. Voor de bovenbouw zijn er vooral technische stage. Bedrijven in de industrie, zoals bijvoorbeeld kapper of in de bouw. Voor de onderbouw is er een maatschappelijke stage, zoals bij bijvoorbeeld een kinderdagverblijf. Contact met een bedrijf komt van beide kanten. De school zoekt contact met een bedrijf om een leerling stage te laten lopen. Een bedrijf zoekt contact met scholen om stagiaires aan te nemen. Het bedrijf moet natuurlijk ook reflecteren op de vorderingen van de leerling, hierbij zoekt een bedrijf dus ook contact met de school. De stagecoördinator zoekt over het algemeen de stages uit, maar bij de maatschappelijke stages van de onderbouw is er ook een mogelijkheid dat de leerlingen dit zelf mogen uitzoeken. Wel is de regel dat het bedrijf bevoegd moet zijn om stagiaires aan te nemen. Wanneer de leerling zelf stage zoekt, gaat dit buiten de stagecoördinator om en is het de bedoeling dat de leraar zelf het contact met het bedrijf onderhoudt.
Contacten die de school ook nog onderhoudt, zijn bijvoorbeeld campings of pretparken. Zo houdt de school contact met een camping voor hun jaarlijks zeilkamp uitje.